Ondertussen in Amsterdam, 5 oktober 2019

Een lange rij staat voor de pashokjes van het verguisde warenhuis. Hudson Bay vertrekt, en verkoopt uit. Nu de liefde van de Canadezen over is, stromen de mensen toe.
Korting, ongelukken, foute luxe. Groter kan de verleiding voor Hollanders niet zijn. Voor de deur worden de ramptoeristen na bezoek door de lokale zender opgevangen.
“Zijn meneer en mevrouw hier eerder geweest?”
“Nee, dat was de eerste keer”, zegt de man met een lach. De vrouw staat een pas achter hem en kijkt het aan.
“We wilde het nu toch wel zien. Maar het is nog steeds duur hoor.”
Misschien heeft zij foto’s genomen en post die in de tram op Facebook. Haar vriendinnen zijn vanmorgen al ingelicht.
“Lekker aan de koffie. Straks voor het eerst naar Hudson Bay. Schijnt uitverkoop te zijn.”.
Ja, ze maken wat mee.

De rij op de herenafdeling duurt. Partners dragen nieuwe kleding aan en waken bij het gordijn. In de donkere kamer – grote spiegel, verlaten hangertjes, vlokken stof – wordt het zelfbeeld aangekleed, gespiegeld, gekeurd. Te strak, te dik, te kort?
Mensen voor me staan met armen vol kleding, smartphones verdoven het ongeduld.

Als ik bijna aan de beurt ben, hoor ik een vrouwenstem achter me:
“Wat een rij.” Het is even stil.
“Anders doe je hier je broek toch uit”?, klinkt het plots kordaat.
“Ja, dat dacht ik ook net “, antwoordt haar man zacht.
Ik kijk om. Grijze vijftigers. De vrouw draagt het korte haar waarmee je overal ter werelds de Nederlandse middelbare vrouw herkent. Doe maar gewoon. Toch? De man een gekleurd jack op een onschuldige pullover. Zijn kapsel plakt als een grijze badmuts op de schedel. Op zijn gezicht meandert de ergernis. Hij passeert de rij naar de open ruimte voor de gordijnen. Nu staat hij voor me.
Het jack gaat uit. Nog even en dan volgt de broek.
Op dat moment komt een hokje vrij. Juist voor de onthulling wordt een gekleurde onderbroek mij bespaard. Ik sluit het gordijn zorgvuldig. Hun conversatie waait nog even door de ruimte.
Als ik klaar ben, zijn ze weg. Ik hoor in gedachten het interview op het Damrak.

Ik begrijp die Canadezen wel.